En nu een Heerlense derby

Schijn bedriegt. Dat een overwinning met 4 – 1 uitziet als een makkie heeft het mis. Onze mannen hebben alle zeilen bij moeten zetten om deze overwinning bij te schrijven. Het was verdiend, dat wel, maar makkelijk was het allerminst.
Het begon met een doelpunt van wereldklasse. Van Basten stond in 1988 dichter bij de goal maar deze kwam vanaf de zijlijn. Super. Mikey Olijve kon weer eentje aan zijn doelpuntenreeks toevoegen en dit was eentje van “buitencategorie”.
Hierna nam VCL weer het initiatief over en drong Heksenberg terug op eigen helft. Diverse vrije trappen werden in het 16-metergebied gepompt en het kon niet uitblijven dat een afgeslagen bal voor de voeten van een DFC-speler viel. Snoeihard werd deze bal hoog in de touwen gejaagd en de goed keepende Mike was verslagen.
Op exact dezelfde manier als afgelopen zondag kwam Heksenberg binnen enkele minuten weer op voorsprong door een doelpunt van Bas en zo gingen we de rust in. 2-1
“Als je elke keer snel na je tegenstander scoort….kun je nooit verliezen” waren de wijze woorden van een van onze supporters (Ron Silverentand red.)
De tweede helft begon wat later want de scheids en zijn grensrechters hadden zich verlopen in de catacomben van Langeberg of waren zich ervan bewust dat er nog vuurwerk te verwachten was.
En vuurwerk kwam er.
Heksenberg liet weer het initiatief bij VCL (…met respect veel te veel…) maar door enkele zeer goede reddingen van Mike kroop men enkele keren door het oog van de naald. Een van de diepe passes richting Mo kwam eindelijk eens aan en zowel de keeper als centrale verdediger verkeken zich hierop en 3-1 was de definitieve beslissing waardoor VCL gebroken was. Op slag van tijd werd Leonardo nog ingebracht en zijn eerste balcontact was ook gelijk een doelpunt. Ook een zeer fraaie.
Komende zondag om 14.30 uur een Heerlens “onder onsje” waarbij weer gestreden moet worden voor een goed resultaat maar als je steeds een doelpunt scoort na een doelpunt van je tegenstander dan kun je niet verliezen…..met dank aan Ron S te H.